Miranda Verhaar
by on January 17, 2020
160 views

Objectwijs verbindt onderzoeksvaardigheden aan objecten. Samen met objecten dagen we leerlingen en docenten uit om vanuit verschillende perspectieven de wereld om hen heen te (her)ontdekken. Want zo is het immers allemaal begonnen….  
 
Kinderen leren hun eerste levensjaren heel veel via speelgoed. Speelgoed: allemaal objecten waarmee ze in eerste instantie hun tastzin gebruiken, vormen en kleuren leren kennen, geluiden ontdekken en hoe deze tevoorschijn worden getoverd als ze bv met het object schudden en in een latere fase op een knopje drukken.

Kinderen zijn van nature nieuwsgierig en leren door onderzoeken en ontdekken.  


Op peuter en kleuterleeftijd wordt deze manier van leren volop gestimuleerd om het vervolgens vanaf de 3e groep basisschool langzaam te gaan vervangen door kennis vanaf papier, tekst, rekenen en schrijfwerk. Objecten worden langzaam naar de achtergrond verdrongen en leren wordt steeds meer abstract denken in je hoofd, van tafels stampen tot woord-rijtjes snellezen gevolgd door werkboeken.  Nieuwsgierig zijn is niet zo belangrijk meer. Belangrijk is feitelijke kennis opslaan in het denken.  


En als je dan 12 jaar bent wordt ‘gemeten’ in hoeverre je deze kennis je eigen hebt gemaakt, oftewel kinderen worden in verschillende categorieën en niveaus ingedeeld. Vervolgens wordt dit zichtbaar gemaakt door een schoolniveau plaatje aan de leerling te hangen, bv een HAVO-leerling en fysiek wordt de basiskennis verder ontwikkeld (lees: overgedragen) door leraren met ieder hun eigen vakkennis in hun eigen klaslokaal.  


Op alle mogelijke fronten vindt splitsing en verdeling plaats. En dit op het moment dat leerlingen op zoek zijn naar het ontwikkelen van hun eigen identiteit. Ze zijn nog steeds nieuwsgierig, ze ontdekken elkaar, vrienden groepjes, liefde en interactie met elkaar, gaan op in hun eigen interesses en hobby's, ontdekken wat ze leuk vinden om te doen. Ze ontdekken zichzelf, proberen de puzzelstukjes van zichzelf vorm te geven, samen te brengen: wie ben ik, wat wil ik, wat kan ik?  


Gelukkig hebben we een onderwijssysteem wat daarbij helpt, mocht je het nog niet weten: je bent wat je weet, laten we zeggen: een HAVO-leerling. Nee beter dan ‘je bent wat je weet’: Je bent de antwoorden bij de vragen die wij je stellen....(ouch, denk daar maar eens over na).  


En dan komen we op dit cruciale punt in ons leven (en hoe cruciaal dat punt is daar kom je pas veeeeeel later achter): de vraag die minimaal de helft van de leerlingen niet eenduidig kan beantwoorden: wat wil je gaan studeren? Oeps, maar daar was je niet op voorbereid hè?  
 
Kies maar iets, rechten is altijd goed (of niet?) ...  


Maar dan.....als je afgestudeerd bent en al je kennis bij elkaar hebt, mag je die kennis gaan toepassen in de echte wereld, een wereld van ervaringen. O ja, want dat was je nog niet gezegd: zodra je je eerste baan zoekt zeggen ze dat je ERVARING nodig hebt. Sta je met al je kennis.  


Ok, ik geef toe, het ligt natuurlijk wel wat genuanceerder dan hoe ik het hier heb omschreven. En gelukkig is er al heel wat veranderd sinds mijn tijd...maar ik heb nog wel wat essentiële vragen:  

Waarom zijn objecten die ons hielpen de wereld te ontdekken toen we klein waren nu niet meer belangrijk?
Waarom gaan we met de klas op PO en VO nu naar musea om objecten te bekijken? 
Waarom worden objecten wetenschappelijk onderzocht? Zijn ze dan toch wel belangrijk? Zo ja, waarom maken ze dan geen onderdeel meer uit van ons leren, van ons onderwijs?  


Objectwijs wil een doorlopende leerlijn ontwikkelen waarbij objecten niet naar de achtergrond worden geschoven, maar deel blijven uitmaken van het onderwijs, vanaf kleutertijd tot wetenschappelijk onderzoek en waarbij kennis en nieuwsgierigheid naar de wereld om je heen met elkaar verbonden wordt.  


Het doel hiervan is een nieuwsgierige houding te blijven houden te allen tijde zodat kennis en ervaring een geheel wordt. Zodat de wereld van de leerling, de opgedane kennis en de wereld om hem of haar heen met elkaar geïntegreerd worden. Door objecten leer je niet alleen op een andere manier naar de wereld om je heen kijken, je LEERT naar de wereld om je heen te kijken, de wereld van vroeger, van nu en in de toekomst.  


Objecten zijn verhalenvertellers, zij zijn een verbinding tussen de binnenwereld van de leerling en de buitenwereld om hen heen (bekijk hun kamer maar eens, welke objecten je daar ontdekt en je weet waar hun passies liggen). Objecten zijn de dragers van kennis en nodigen uit tot onderzoek, nieuwsgierigheid en ontdekken. Ze zijn de helpers die het leren in elke omgeving kunnen brengen en de omgeving in het onderwijs.  


Objectwijs maakt onderzoek zichtbaar en tastbaar in de school door objecten de verbindende factor te laten zijn in

- plaats (binnen en buiten de school)  

- tijd (verleden, heden en toekomst)  

- en ruimte (vaklokalen en een aparte ruimte of maaklokaal waar objecten zich kunnen settelen)  


Vind je ook dat objecten belangrijke waarde toe kunnen voegen in de klas? Zou jij objecten in de klas een rol willen geven?  


Vanaf volgende week is onze website aangepast en staat ons volledige programma online: www.objectwijs.nl en kun je alles lezen over wat we doen. Of mail naar: info@toekomstverhalen.nl dan maken we een afspraak of berichten we je als de aangepaste website online is.  

 

Like (2)
Loading...
2